Een jaar of vijf geleden werd ik gevraagd een boek over iemand te schrijven. Het ging om een geslaagde zakenman uit Goes die 65 was geworden en van zijn kinderen een biografie cadeau kreeg. Van hem leerde ik een belangrijke les.
Daar zag het in eerste instantie niet naar uit. Ik had een serie gesprekken met John en hij praatte honderduit, ook over de nederlagen in zijn leven. Ik vond het een aardige vent, die vanuit een arbeidershuisje in Goes-West was opgeklommen tot directeur van een regionaal imperium.
Ik interview graag oudere mensen. Ze hebben veel meegemaakt en kunnen een goed onderscheid maken tussen wat belangrijk is en wat totaal niet. Stiekem hoop ik altijd van zo iemand te horen hoe je dat nou doet, een goed en zinvol leven leiden. Op een bepaalde leeftijd moet je dat onderhand wel weten, dunkt me. Toen ik op de laatste avond toekwam aan die vraag, antwoordde John laconiek: ,,Ach, wanneer doe je het goed? Als je als mens fatsoenlijk leeft, dan doe je het goed.”
Ik weet nog dat ik een beetje teleurgesteld naar huis fietste. Fatsoenlijk leven, was dat het? Ik kon er niet veel mee. Het deed me denken aan de jaren 50, aan leven aan de leiband van de dominee en de pastoor, aan in de pas lopen en vooral niet al te gek doen. Eerder een belemmering dan een deugd.
Inmiddels, want wijsheid komt met de jaren, denk ik dat hij het bij het rechte eind had. Fatsoenlijk leven gaat veel verder dan normen en waarden alleen. Het draait om hoe we omgaan met anderen. Ook, of juist, als die anderen het minder goed getroffen hebben in het leven.
In dit land zetten kerken, organisaties en vrijwilligers zich in voor de afgeschreven mensen zonder papieren aan de randen van de maatschappij. Ze verlenen medische zorg, schenken een kop soep in en slaan een arm om de schouder. Dat deze hulpverleners nu in een kwaad daglicht worden gesteld, nota bene in de Tweede Kamer, is de omgekeerde wereld. Vanuit hun overtuiging zullen zij hun werk blijven doen. Dat doen ze niet om de samenleving te saboteren, integendeel. Dat doen ze omdat ze mensen zijn, sociale wezens met een hart en met fatsoen in hun donder.
Reactie plaatsen
Reacties